Interventie – een DucoBox instellen
Onder het tabblad ‘Interventie‘ zijn er 4 kolommen zichtbaar:
1. Network
Hier vind je een voorstelling van het netwerk vanaf de controller met alle verbonden componenten (nodes). Het netwerk wordt getoond als boomstructuur, dus elke insprong is een kind van de bovenliggende knoop.
Elke knoop van de boomstructuur bestaat uit een categoriekleur en een unieke combinatie van letters en cijfers, die de node omschrijft. Daarna volgt het nodenummer tussen haakjes en het nodetype.

In de boomstructuur worden er ook iconen getoond bij componenten waar er een waarschuwing of fout is. Je kan de meldingscodes opvragen door op het icoon te klikken. De meldingscodes worden getoond bovenaan de kolom van de component en van de DucoBox.
| Icoon | Betekenis | Omschrijving |
| Waarschuwing | Er is een bestaand risico dat er fouten zullen optreden in de component. Klik op de node voor een overzicht van de waarschuwingscodes. | |
| Fout | Er zijn fouten in de component. Klik op de node voor een overzicht van de foutcodes. | |
| Fout (boomstructuur) | Er zijn fouten bij een component die niet meer correct aangemeld is in de huidige boomstructuur. |
Voor meer informatie over de foutcodes kan je terecht op de DUCO-website.
Via rechtsboven kan je de informatie van de boomstructuur vernieuwen. Ook alle informatie in de andere kolommen wordt hierbij vernieuwd.
Opmerking: De DucoBox Silent 1.0 kan nog geen foutmeldingen weergeven, maar alleen een melding geven dat een component offline is na het opnieuw starten van de DucoBox. Je kan de DucoBox opnieuw starten door het toestel even spanningsloos te maken of via de herstartknop in de Installer Service Tool. Als een component niet reageert bij het opstarten, verschijnt naast de component.
2. Box info
Hier vind je de informatie van de controller, de DucoBox zelf. De informatie is gegroepeerd in categorieën en is afhankelijk van het type toestel en de geïnstalleerde software. Hierna volgt een volledig overzicht van alle categorieën, in de applicatie zelf worden alleen de beschikbare categorieën getoond:
Toestel
De commerciële naam van het toestel.
Fouten
De lijst met alle waarschuwingen en fouten op het niveau van de DucoBox.
Algemeen
- Productinfo
- Subtype
- Serienummers
- Softwareversies
Connectiviteit
Alleen zichtbaar als er een Installation Kit of een Connectivity Board is aangesloten.
- Softwareversie en serienummer van de Installation Kit of het Connectivity Board
- IP-adres
- Default gateway
- MAC address
- Wifi Access Point Key
Inregeling
- De ingestelde curve of het ingestelde niveau van de DucoBox.
- De kalibratiemodus (MAN2: ja / nee).
- Grondgebonden (ja / nee).
- Inregeling bij opstart (aan / uit).
3. Node info
Hier vind je de informatie die specifiek is voor de geselecteerde node in de boomstructuur. De geselecteerde node wordt in het vet weergegeven in de boomstructuur.
De DucoBox zelf wordt weergegeven als node 1. Als je deze selecteert, krijg je meer informatie over:
- Het netwerk.
- De ventilatiestand, met de resterende tijd (hh:mm:ss).
- Het ventilatiedebiet (%).
- De centrale sensordata op het niveau van de DucoBox.
Bij bedieningen (UC) krijg je bijkomende informatie over de signaalsterkte:
- Het Hop RF-adres.
- De signaalsterkte tot het toestel.
- De signaalsterkte voor hoppen.
Bij sensoren, bedieningen met sensoren en kleppen met sensoren wordt de data van de sensoren getoond:
- De temperatuur bij de component.
- Het gemeten CO2-niveau of het relatieve luchtvochtigheidsgehalte (RH).
- Een beoordeling van de binnenluchtkwaliteit (IAQ – Indoor Air Quality).
Bij kleppen met sensoren wordt daarnaast ook nog de volgende informatie getoond:
- Het type klep.
- De uitvoering van de klep (bijvoorbeeld slaapkamer, toilet …).
- Het aantal communicatiefouten.
4. Instellingen
Hier vind je de instellingen die specifiek zijn voor de geselecteerde node in de boomstructuur. De geselecteerde node wordt in het vet weergegeven in de boomstructuur.
Instellingen aanpassen
Je kan de waarde van instelpunten, werkingsmodi en timers aanpassen. Via
kan je bijkomende informatie opvragen over de weergegeven instellingen en de aanbevolen standaardwaardes.
Om een waarde aan te passen:
- Klik je op
.
- Pas je de waarde aan via de pijltjes of door een nieuwe waarde in te geven.
- Bevestig je de aanpassing via
of door op je toetsenbord op ‘Enter‘ te drukken.
- Annuleer je de aanpassing via
of door op je toetsenbord op ‘Esc‘ te drukken. De oorspronkelijke waarde wordt behouden.
Als je een instelling aanpast met een onmogelijke waarde, krijg je een foutmelding linksonder in de applicatie:

Connectiviteitsinstellingen van een Connectivity Board
Als je de DucoBox selecteert in de boomstructuur, krijg je ook de instellingen te zien voor de connectiviteit met het netwerk en de specifieke instellingen voor Modbus.

Acties
Onderaan dit menu staan de mogelijke acties voor de geselecteerde node. Hierna volgt een overzicht van alle mogelijke acties, in de applicatie worden alleen de mogelijke acties voor de geselecteerde node getoond:
- ‘Toestel herstarten‘: de software van het toestel opnieuw starten (op niveau node 1 = DucoBox).
- ‘Component herstarten‘: een component opnieuw starten (op niveau node > 1).
Bij een Bedieningsschakelaar RF zorgt dit er voor dat de herstarttijd opnieuw minder is dan 30 minuten. Hiermee kan je de component afmelden zonder dat je de Bedieningsschakelaar moet uitbouwen om deze te kunnen resetten. - ‘Start Identificeer‘ / ‘Stop Identificeer‘: Componenten met een led kunnen geïdentificeerd worden via een blauwe led. Via deze actie kan je de blauwe led inschakelen (‘Start Identificeer‘) of uitschakelen (‘Stop Identificeer‘).
Let op: deze functie werkt niet op een DucoBox Silent 1.0.